De Farizeeën En De Sadduceeën Hebben Nog
Steeds De Leiding
Het zal nodig
worden om te laten zien, en dat voor JOUW genoegdoening, dat sinds de dood van
de Apostelen NIET EEN van de bureaucratische organisaties die we historisch
“kerken” genoemd hebben zich ooit gevoegd heeft naar de leringen en het
voorbeeld van onze Here Jezus Christus over hoe geestelijke autoriteit verdiend
en uitgeoefend moet worden onder Christenen.
En dit zal
absoluut noodzakelijk zijn: want voordat je de moed zult hebben om tot Hem uit te gaan buiten de legerplaats en Zijn
smaadheid te dragen
(Heb. 13:13), zul je er van verzekerd moeten worden dat de Heilige Geest,
evenals de Heilige Schriften, beiden bevestigen, en
vereisen, dat je jezelf afzondert van alles en iedereen die beweert “Christen”
te zijn en tegelijkertijd WEIGERT zich te voegen naar de leringen en het
voorbeeld van onze Here Jezus Christus.
Het wordt ons
gezegd in de duidelijkst mogelijke taal dat een iegelijk… die niet blijft in de leer
van Christus (Grk. de leer van Christus Zelf), DIE HEEFT GOD NIET: en dat, Indien
iemand tot ulieden komt, en deze leer niet brengt,
ONTVANGT HEM NIET in huis, en zegt tot hem niet: Zijt
gegroet (doe niets om hem aan te moedigen of te helpen; Grk. begroeting,
“het ga u goed”). Want die tot hem zegt:
Zijt gegroet, die heeft GEMEENSCHAP AAN ZIJN BOZE
WERKEN (2 Joh. 9-11). Met deze waarschuwing herinner ik je er nu aan dat de
WOORDEN van Jezus Christus het hart van het Evangelie zijn. De
leringen van Jezus Zelf zijn niet enkel “gelijk” aan de rest van de Bijbel, ze
zijn het meest belangrijk: en elke leer die niet zijn bron en autoriteit vindt
in de woorden van Jezus is niet ECHT “Christelijk”. De Bijbel zegt dat Jezus den oversten Leidsman en Voleinder
des geloofs is (Heb. 12:2); daarom moet al het
andere dat we vinden in de Bijbel tot ons genomen en begrepen worden in het
licht van WAT JEZUS ZEI. Petrus, Paulus, David en Mozes zijn niet “gelijk” aan
Jezus Christus. Daarom, wanneer we lezen in de Brieven over hoe God apostelen, profeten, evangelisten, herders
en leraars (Ef. 4:11) in de Kerk
heeft aangesteld, worden we er niet toe geleid deze dingen te begrijpen op een
manier die er op uit loopt Jezus Christus tegen te spreken: maar eerder
beschouwen we de woorden van Jezus als het fundament van alle Christelijke
leer, en al de andere woorden in de Bijbel als GEÏNSPIREERD commentaar OP DE
WOORDEN VAN CHRISTUS; niet gebrek hebbend aan Goddelijke Autoriteit, maar
DIENSTBAAR aan de Woorden van Christus. Enkel van Zijn Eigen woorden zei
Hij: De hemel en de aarde zullen
voorbijgaan; maar Mijn woorden zullen geenszins
voorbijgaan (Markus 13:31). Enkel van Zijn Eigen woorden zei Hij: De woorden, die Ik tot u spreek, zijn geest
en zijn leven (Joh. 6:63). Enkel van Zijn Eigen woorden zei Hij: het woord, dat Ik gesproken heb, dat zal
hem oordelen ten laatsten dage (Joh. 12:48). En…
Matt.
20:25-28 … Jezus… zeide: Gij weet, dat de oversten der
volken heerschappij voeren over hen, en de groten gebruiken macht over hen.
26 Doch
alzo zal het onder u niet zijn; maar zo wie onder
u zal willen groot worden, DIE ZIJ uw dienaar;
27 En
zo wie onder u zal willen de eerste zijn, DIE ZIJ uw dienstknecht.
28 Gelijk de Zoon des mensen NIET is gekomen
om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot
een rantsoen voor velen.
HOE kan het
moeilijk te begrijpen zijn wat onze Heer hier bevolen heeft, tenzij de “moeilijkheid”
is in het feit dat deze taal schijnt te verwerpen wat gewoonlijk als
“geestelijke autoriteit” wordt beschouwd? Bedenk nu eens dat onze Heer heeft
gezegd dat in “de wereld”, “de groten”
degenen zijn die in staat en bereid zijn je te dwingen hun bevelen te
gehoorzamen. Zelfs wanneer zij je “beleefd” vragen om
iets te doen, weet je dat je MOET doen wat zij zeggen… wanneer zij het zeggen…
en hoe zij het zeggen, of ZIJ zullen er op toezien dat je op de een of andere
manier gestraft wordt! In De Wereld kunnen de dingen op geen andere manier
werken, want de meeste mensen kennen noch vrezen God; ze zijn rebels, gierig,
trots, wreed en pervers; en daarom moeten ze gedwongen worden zich te gedragen.
Zonder de wrede autoriteit die straffen oplegt op sommigen van degenen in De
Wereld die slecht doen, zou de mensheid snel afdalen naar een moordzuchtige en
genadeloze anarchie. De angst voor directe pijn of verlies is het enige ding
dat de meeste mensen weerhoudt van het doen van slechte dingen. Het is hierom dat de Apostel zegt, Alle ziel zij den machten (hier specifiek verwijzend naar De Staat), over haar gesteld, onderworpen; want er
is geen macht (Grk. AUTORITEIT) dan
van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd. Alzo dat die zich tegen de macht stelt, de ordinantie van
God wederstaat; … zij (de vertegenwoordiger van De Staat) draagt het zwaard niet tevergeefs; want zij
is Gods dienares, een wreekster tot straf dengene,
die kwaad doet (Rom. 13:1-4). Hier beschrijft de Bijbel de functie van De
Staat en de manier waarop De Staat fatsoen en orde handhaaft. Bedenk dan eens
wat het voor Jezus betekent tegen Zijn Kerk gezegd te hebben, DOCH ALZO ZAL HET ONDER U NIET ZIJN!
De groten beheersen het geld; zij
hebben en stellen ten toon alle populaire symbolen van succes; ze
vertegenwoordigen de vervulling en de hoop en ambities van de meesten van de
mensheid. De groten hebben en
gebruiken de macht om hun vrienden te promoveren en hun vijanden te schande te
maken. De groten kunnen een menigte
tevoorschijn roepen of de politie laten komen om naar hun wens te doen. De groten zijn zij, die hoog zijn onder de mensen: en dat hoog
is onder de mensen van DEZE wereld, zegt Jezus, is een GRUWEL voor God (Lukas 16:15). Maar natuurlijk, hoe zou je
DIT kunnen geloven, tenzij je al gelooft dat alleen de Echte Christenen uit God zijn, en dat de rest van de GEHELE wereld LIGT IN HET BOZE (1
Joh. 5:19)?
Hier zegt
Jezus dat wie onder u groot wil worden;
dat hij tot je moet komen als je dienaar.
Hij moet komen als iemand die van plan is aan JOUW behoeften tegemoet te komen;
uit te zijn op JOUW welzijn; om JOU te beschermen tegen alle schade; om JOUW
geluk VOOR JOU te bewaren. Het woord hier vertaald met “dienaar” is DIAKONOS, wat gewoonlijk
vertaald wordt met DIAKEN. Een diaken is een vertegenwoordiger, of beheerder,
die zorgt voor de zaken van anderen. Dus zij, die zichzelf presenteren als dienaren van de kudde van God, wordt
bevolen om gericht te zijn op het totale welzijn van hen die zij dienen: niet
in theorie, noch geveinsd, maar met de
daad en waarheid (1 Joh. 3:18). Door de woorden daad EN waarheid zijn we verplicht ons er van te verzekeren dat in
ons “dienen” we altijd klaar moeten
zijn feitelijk IETS TE DOEN VOOR het welzijn en het voordeel van hen die we dienen: tegelijkertijd beseffend dat er
geen werkelijk welzijn of voordeel is wanneer de waarheid geschuwd wordt als verbijsterend, ongemakkelijk of
onplezierig. Jezus zegt ook dat ieder die
onderscheiden wil worden als de eerste
of leider onder u zichzelf ten
opzichte van jou moet gedragen als een dienstknecht.
En tenslotte stelt de Here zichzelf als een voorbeeld
van deze dingen door te zeggen, De Zoon
des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn
ziel te geven tot een rantsoen voor velen. Daarom ben je door de
woorden van Jezus Christus Zelf niet verplicht enige zelf-uitgeroepen
“religieuze autoriteit” te erkennen, die jou en je problemen bedreigt
met onverschilligheid of verachting… OF niet bereid is enige last te dragen of
enig ongemak te lijden voor jouw belang. DIT HEEFT JEZUS GEZEGD. Elke geestelijke
leider die veronderstelt je “dienaar
te zijn”, maar die geen werkelijke
bewogenheid heeft voor jouw noden en problemen, is niet van plan je te helpen;
maar enkel om je te gebruiken, of je weer weg te sturen voordat je te veel kost
of een last voor hem bent. Als het duidelijk wordt dat je niet bereid bent je
bij zijn kerk te voegen of zijn zaak te ondersteunen met je tijd en geld, zul
je een abrupt en oneerbiedig antwoord krijgen en weer weggestuurd worden. Er
zullen geen vervolgbezoeken of telefoontjes zijn: hij is niet op zoek naar
iemand om te dienen, maar enkel naar iemand die uiteindelijk hem zal dienen.
Markus
10:42-45 Maar Jezus, hen tot Zich geroepen hebbende, zeide
tot hen: Gij weet, dat degenen, die geacht
worden oversten te zijn der volken, heerschappij voeren over hen, en hun groten
gebruiken macht over hen.
43 DOCH
ALZO ZAL HET ONDER U NIET ZIJN; maar zo wie onder u groot zal willen
worden, die zal uw dienaar zijn.
44 En
zo wie van u de eerste zal willen worden, die zal aller dienstknecht
zijn.
45 Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen
om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot
een rantsoen voor velen.
Jezus ontkent dat Hij kwam geacht te worden als een van de groten die macht gebruiken
over ons: aan wie we ons publiekelijk onderwerpen, belasting betalen en
dienstbare gehoorzaamheid geven op dezelfde manier en voor dezelfde redenen
waarom we de oversten dezer wereld
(1 Cor. 2:6) gehoorzamen: maar eerder, dat Hij kwam
om aller dienstknecht
te zijn. Want gij
weet de genade van onzen Heere Jezus Christus, DAT HIJ OM UWENTWIL IS ARM
GEWORDEN, daar Hij rijk was, opdat gij door Zijn armoede zoudt
rijk worden (2 Cor. 8:9). Hij kwam opdat wij het leven hebben, en overvloed hebben (Joh. 10:10) en Hij doet dat
ten KOSTE van Zichzelf.
Jezus zei, Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat, gelijkerwijs Ik u gedaan heb, gijlieden
ook doet (Joh. 13:15); maar helaas! Zij die onder u groot willen worden concurreren ook met elkaar om de voorgestoelten in de synagogen
(Matt. 23:6) en het recht om heerschappij
te voeren over uw geloof (2 Cor. 1:24). Deze
leringen van Jezus Christus worden zo genegeerd door de wereld van de
Georganiseerde Religie; en ze veroordelen zo totaal de sociale structuur van AL
de “kerken” dat het bijna onmogelijk is de realiteit onder ogen te zien van wat
Hij zei. Het is zo makkelijk over het hoofd te zien
wat ALTIJD IS GENEGEERD en WORDT GENEGEERD door iedereen om je heen, dus laten
we opnieuw kijken naar wat Jezus zegt:
Lukas
22:24-27 En er werd ook twisting onder hen, wie van
hen scheen de meeste te zijn.
25 En Jezus zeide
tot hen: De koningen der volken heersen over hen; en die macht
over hen hebben, worden weldadige heren genaamd.
26 Doch
gij niet alzo; maar de meeste onder
u, die zij gelijk de minste, en die voorganger is, als een die
dient.
27 Want wie is meerder, die aanzit aan de
tafel, of die dient? Is het niet die
aanzit aan de tafel? Maar Ik ben in
het midden van u, als een die dient.
Heb geduld met
mij, want ik moet deze woorden van Jezus telkens weer herhalen:
OMDAT we hier geconfronteerd worden met taal die NIET de structuur en het
karakter van de Kerken van het Christendom beschrijft! Kijk, als je wil, zo
lang je wil naar de kerken in jouw plaats: waar zie je
enig bewijs dat deze bevelen worden gehoorzaamd (eerder dan uitgelegd te
worden), of dat deze beschrijving van De Kerk daadwerkelijk wordt vervuld?
Zelfs als het getuigenis van de geschiedenis raadpleegt in de hoop dat dingen
beter waren in “de goede oude tijd”, zul je zien dat tijdens de afgelopen 1900
jaren datgene, wat we gewoonlijk “kerken” genoemd hebben,
altijd bureaucratische hiërarchieën zijn geweest; georganiseerd en beheerd op
precies dezelfde manier als een bedrijf of aardse regering wordt gedaan: hoewel
Jezus dit strikt verboden heeft. Ik twijfel er niet aan dat er mensen zijn
geweest die deze woorden van Christus ter harte namen; maar dan betekent dat dat zij niet streden voor applaus, noch zochten naar het
recht om te heersen over anderen, en dus werden zij eenvoudigweg terzijde
geduwd. De bekende geschiedenis van het Christendom is
vooral het verhaal van eersterangs bureaucraten; met enkel korte en
belasterende vermeldingen van hen die zij verwierpen en vervolgden.
Jezus zegt, Doch alzo zal het
onder u NIET zijn;
Maar ZO IS HET
GEWEEST in het Christendom, en ZO CONSEQUENT,
Dat deze woorden van
Jezus uit de Bijbel weggehaald konden worden
zonder
het minste verschil te maken in hoe openbare autoriteit
wordt
verdiend en uitgeoefend in de kerken.
Hierdoor
rest mij de conclusie dat inderdaad Christendom min of
meer afvallig is geweest sinds de dood van de Apostelen, en dat de mensen die
de bureaucratische structuur hebben doorgezet slechts de Farizeeën en de Sadduceeën van het Christelijke tijdperk zijn.
Jezus zei, Indien Mijn Koninkrijk van
deze wereld ware, zo zouden Mijn dienaren GESTREDEN hebben (Joh. 18:36). Te
strijden is te WEDIJVEREN of worstelen voor macht over andere mensen door
debat, of intrige of brute kracht: maar Zijn Koninkrijk is NIET van deze wereld, en de “afvalrace” waarin mensen
met elkaar wedijveren voor de
voorgestoelten in de synagogen en de macht om heerschappij te voeren over
uw geloof (2 Cor. 1:24) is vreemd aan de leer en
het voorbeeld van Jezus Christus.
Laat
het HIER EN NU onder ons duidelijk zijn dat IK NIET ZEG dat iedereen die ooit
een typische, lokale kerk heeft bijgewoond, ondersteund of gediend, NIET GERED
is. Zelf heb ik al deze dingen vele jaren gedaan. Er waren, en kunnen er
nog VELEN zijn in zulke kerken; die net als ikzelf eenvoudigweg niet in staat
waren om onder ogen te zien wat volgens De Bijbel Jezus HIEROVER zei. Ik
herinner me dat ik zelf een “dienaar” was in zulke kerken; ik herinner me deze
woorden van Jezus Christus in mijn Bijbel te lezen; ik herinner me hoe mijn
gedachten voeren… van verwarring, naar angst, naar momenten waarin ik het niet
kon helpen deze woorden van Christus met spot en verachting te beschouwen. Een
ding was zelfs toen duidelijk voor me: dat deze woorden NIET de hele structuur
en de meeste van de dienaars van mijn eigen kerk en denominatie beschreven,
maar eerder schenen te verwerpen! Ik hoopte tenslotte
zelf “de ladder op te klimmen”: EN, omdat ik er erg zeker van was dat AL de
andere “kerken” zo ongeveer hetzelfde waren, was er geen andere plaats voor mij
om te gaan en die “full-time bediening” te krijgen waarvoor ik hoopte geroepen
te worden. Ik zou alleen zijn: verworpen, belasterd en veroordeeld door bijna
al de mensen wiens liefde en erkenning ik zo wanhopig
wilde. Ik zou ook moeten omgaan met het feit dat ik beweerde “meer gelijk” te
hebben dan de miljoenen die ooit, en nog steeds, ZEGGEN hoop, waarheid en de
troost van gemeenschap te vinden in zulke kerken. Het ergste, en meest
beangstigende, van alles was de gruwelijke mogelijkheid dat ik op de een of
andere manier zo afgedwaald kon zijn in deze zaak, dat ik zou eindigen als de
“slechte vijand” van De Kerk: daardoor mijn eigen veroordeling verzekerend. Al
deze beangstigende beschouwingen vielen in één keer en allemaal tegelijk op me
neer: een moment van zo’n angst en plotselinge afkeer
in mij, dat ik vluchtte in wanhoop van enige verdere beschouwing van deze
zaken; hopend dat God genade zou hebben over mijn onvolwassenheid.
Maar nu leven
we in die laatste dag (Joh. 12:48),
zoals de meeste mensen wel willen toegeven. God dan, de tijden der onwetendheid overzien hebbende, verkondigt nu
allen mensen alom, dat zij zich bekeren. Daarom dat Hij een dag gesteld heeft,
op welken Hij den aardbodem rechtvaardiglijk zal
oordelen, DOOR EEN MAN, DIEN HIJ DAARTOE GEORDINEERD HEEFT, verzekering
daarvan doende aan allen, dewijl Hij Hem uit de
doden opgewekt heeft (Hand. 17:30-31).
Jezus
zei:
Joh.
12:46-49 Ik ben een Licht, in de wereld gekomen, opdat een iegelijk,
die in Mij gelooft, in de duisternis niet blijve.
47 En indien iemand Mijn woorden gehoord, en niet geloofd zal hebben, Ik
oordeel hem niet; want Ik ben niet gekomen, opdat Ik de wereld oordele, maar opdat Ik de wereld zalig make.
48 Die
Mij verwerpt, en Mijn woorden niet ontvangt, heeft, die hem oordeelt; het
woord, dat Ik gesproken heb, dat zal hem oordelen TEN LAATSTEN DAGE.
49 Want Ik heb uit Mijzelven
niet gesproken; maar de Vader, Die Mij gezonden heeft, Die heeft Mij een gebod
gegeven, wat Ik zeggen zal, en wat Ik spreken zal.
Lukas 22:25-27 En Jezus zeide tot hen: De koningen der volken
heersen over hen; en die macht over hen hebben, worden weldadige heren genaamd.
26 Doch
gij niet alzo; maar de meeste onder u,
die zij gelijk de minste, en die voorganger is, als een die dient.
27 Want wie is meerder (in de ogen van de
wereld), die aanzit aan de tafel, of die dient? Is het niet die aanzit
aan de tafel? Maar Ik ben in het midden
van u, als een die dient.
Het eerste wat
DUIDELIJK moet zijn uit de bovenstaande passage is dat onze Here Jezus Christus
een beschrijving heeft gegeven van hoe geestelijke macht (autoriteit) verdiend en uitgeoefend zal worden in Zijn Kerk.
Onze Heer
vergelijkt zichzelf met een huisknecht. Dienstknechten
GEVEN GEEN ORDERS aan de mensen die ze dienen,
ze wachten tot er een beroep op hen gedaan wordt: hoewel hen gevraagd kan
worden aanbevelingen te doen. Zo is het in onze relatie met Jezus Christus: Hij
is in het midden van ons, als een die dient, en we kunnen
vertrouwen op Zijn oordeel om ons te brengen wat goed is, als we werkelijk
willen dat hij die onderscheidingen voor ons maakt. Wij dan zijn niet
geautoriseerd door Jezus Christus om iemand te DWINGEN Christen te worden of in
te stemmen met onze leer, maar enkel altijd
bereid te zijn tot verantwoording aan een iegelijk, die u
rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met
zachtmoedigheid en vreze (1 Petrus 3:15). Verder is “die zij gelijk de minste” een BEVEL om
te GEHOORZAMEN. Wanneer Jezus zegt dat de
koningen der volken graag “weldadige
heren” genoemd worden, wijst hij
naar de HYPOCRISIE van degenen die beweren “slechts een dienaar van de mensen”
te zijn, terwijl in feite iedereen uiteindelijk HEN dient. Zij die de meeste willen zijn in de Kerk wordt
BEVOLEN door onze Here Jezus Christus om diezelfde nederigheid, zachtmoedigheid
en respect voor elkaar te hebben, die we van kinderen verwachten voor hun
ouders te hebben, of van dienaren om aan hun meesters te tonen. We worden
bevolen dat dat gevoelen in ons zij, hetwelk ook in Christus Jezus was; Die,
hoewel in de gestaltenis Gods zijnde, niet
meende dat Gode even gelijk te zijn een ding was om
arrogant te grijpen of eisen; MAAR HEEFT
ZICHZELVEN VERNIETIGD (Grk. nietig gemaakt), DE GESTALTENIS EENS DIENSTKNECHTS aangenomen hebbende, en is den
mensen gelijk geworden; En in gedaante gevonden als een mens, HEEFT HIJ
ZICHZELVEN VERNEDERD, gehoorzaam geworden zijnde tot den dood, ja, den dood des
kruises (Fil. 2:3-8).
Jezus omhelsde, leefde en leerde De Waarheid: maar dit te doen leverde hem niet
de toejuiching van de meeste van Zijn tijdgenoten op, noch de macht om macht over hen te hebben: het kostte Hem alles, inclusief Zijn leven. Die worsteling
voor oppergezag waarin mensen met elkaar concurreren voor de kans om heerschappij te voeren over uw geloof (2 Cor. 1:24) is
verworpen door Jezus Christus. Jezus heeft expliciet
zijn volgelingen verboden de bureaucratische structuur van DE STAAT te
kopiëren.
En daarom
concludeer ik dit…
De Ware Kerk Is Niet, En Was
Nooit, Een Bureaucratie
Tijdens de Reformatie, toen Luther en
anderen hun weigering zich te onderwerpen aan de autoriteit van de Paus
rechtvaardigden, en de pyramide van bureaucraten waar
hij bovenop zat, vonden zij het nodig om aan te voeren dat De Kerk bestond uit
alle Ware Gelovigen, ongeacht hun trouw aan een bepaalde denominatie. Deze
“Kerk onder de kerken” werd bekend als “Het Mystieke Lichaam van Christus”, en
elke Hervormer WIST dat door deze bestempeling zij ontkenden dat de Ware Kerk
ooit geïdentificeerd kon worden als een enkele bureaucratische gemeenschap. Er
is geen Protestantse Kerk in de wereld die het waagt het hiermee oneens te
zijn, want hun recht te bestaan als aparte en concurrerende eenheden wordt
daaraan ontleend. Zij, allemaal, weigeren zich te onderwerpen aan enige
“geestelijke autoriteit” buiten hun eigen denominatie, ongeacht hoeveel groter
of ouder de andere denominatie ook mag zijn. Verder is de wereld nu vol met
“onafhankelijke kerken” die zich aan geen “geestelijke autoriteit” buiten de
vier muren van hun eigen gebouw onderwerpen. Het praktische principe van De
Reformatie was dat elke God vrezende mens voor zichzelf De Bijbel kon lezen en
begrijpen; en dat de kennis van De Bijbel hem zowel het recht als de
verplichting gaf zich af te scheiden van enige “kerk” die hij beoordeelt als
ketters. Iemand kan zich hooguit verwonderd afvragen hoe het dan mogelijk is,
dat zij zo snel opnieuw in hun eigen kerken DEZELFDE SOORT BUREAUCRATIE
vestigden, waar zij eens tegen opstonden: en dan degenen veroordelen als
rebellen en afvalligen die weigeren zich er aan te onderwerpen.
Het
lichaam van Christus (1 Cor. 12:27) IS NIET een
BUREAUCRATIE, waarin macht
(autoriteit) om God te vertegenwoordigen volgt uit een TITEL, verleend aan een
mens door een zichzelf dienende groep van andere mensen, die
enkel zulke autoriteit geven aan hen wiens eerste trouw aan henzelf en elkaar
is. In een bureaucratie, IN ELKE BUREAUCRATIE, wordt van mensen verlangd de
woorden en daden van hun superieuren door de vingers te zien, te rechtvaardigen
of bekrachtigen; ongeacht hoe onbescheiden, ongenadig of onwaar deze woorden en
daden mogen zijn. Iedereen in de wereld weet dat IN DE WERELD promotie
gewoonlijk gegeven wordt aan degenen van wie verwacht kan worden dat zij hun
superieuren ondersteunen en verdedigen, terwijl de meer gekwalificeerde mens,
die niet doof, stom en blind wil zijn voor de zonden van zijn superieuren
beschouwd wordt als “ontrouw”. Zelfs wanneer een mens getalenteerd, bruikbaar,
betrouwbaar, hardwerkend, loyaal en winstgevend is: maar hij niet vertrouwd kan
worden mee te gaan met de misdaden van zijn superieuren of deze te bedekken,
wordt hij gerekend als “onbetrouwbaar”. Zo’n mens zal
hoogstwaarschijnlijk niet gepromoveerd worden, en er wordt misschien zelfs een
voorwendsel gezocht om hem uit de weg te ruimen. Hij is niet wat zij noemen een
“team player”; welke term een bureaucratisch woord is
voor iemand die niet bereid is zeer
opgeblazen dingen te spreken, verwonderende zich over de personen OM
DES VOORDEELS WIL (Judas 16). Zij die onderin een bureaucratie binnenkomen,
moeten meestal hun ogen sluiten voor fouten en onrechtvaardigheid telkens en
telkens weer om zich te verzekeren van een reëel zicht op promotie. Morele en
ethische beschouwingen zijn eenvoudigweg OVERLAST voor de mens wiens belangrijkste zorgen zelfbehoud en winst zijn. Tegen
de tijd dat hij zelf de top bereikt heeft, heeft hij zijn eigen zelfdienende
medeplichtigheid aan de zonden van zijn superieuren al zo vaak geëxcuseerd, dat
hij niet langer enige integriteit over heeft. Zijn geweten is gedood en nu eist
hij dezelfde dienstbare medeplichtigheid waar hij eens onder leed van degenen
waar hij nu over regeert. Zo, door het proces van de bureaucratische
slijtageslag, worden de zonden en fouten van degenen die het al gemaakt hebben,
om allerlei praktische redenen gelijk aan het officiële bedrijfsbeleid. Je
weet wat ik bedoel.
Er is geen ruimte voor de Heilige Geest
in een BUREAUCRATIE, waarin de enige manier om meer autoriteit te krijgen, is
hen die dichtbij de top zitten te plezieren en te
vleien. Er is geen ruimte voor Profeten in een BUREAUCRATIE: want Profeten
krijgen hun opdrachten van God, niet van mensen. Er was al een Kerk in
Jeruzalem toen de Apostel Paulus bekeerd was, maar, wanneer hij uitgedaagd
wordt om zijn recht “namens God te spreken” verdedigt,
zegt hij dit:
Gal.
1:10-12 Want predik ik nu de mensen, of God? Of zoek ik mensen te behagen? Want
indien ik nog mensen behaagde, zo ware ik geen dienstknecht
van Christus.
11 Maar
ik maak u bekend, broeders, dat het Evangelie, hetwelk
van mij verkondigd is, niet is naar den mens.
12 Want ik heb ook hetzelve
niet van een mens ontvangen, noch geleerd, maar door de openbaring van Jezus
Christus.
Ik neem aan
dat de Apostel Paulus vergat om even langs te gaan bij de kerk in Jeruzalem en
zijn aanstellingscertificaat op te halen… Nee, hij vergat het niet; en in
plaats daarvan zei hij dit:
2 Cor. 3:1 Beginnen wij onszelven wederom u aan te prijzen? Of behoeven wij ook, gelijk sommigen, brieven van
voorschrijving aan u, of brieven van voorschrijving van u?
Zou de Apostel
Paulus uitgenodigd zijn om te prediken in jouw kerk? Of zou hij verworpen
worden, omdat hij niet “IEMAND’S” OFFICIËLE GELOOFSBRIEVEN had? De waarheid nu…
kom op… vertel de waarheid!
Toen Jezus zei,
gij NIET alzo, heeft hij zowel een bevel
uitgevaardigd dat we maar beter op kunnen volgen, als een voorspelling gemaakt
over het karakter van Zijn Kerk. Wat de Ware Kerk ook is: het
is niet gestructureerd als een bedrijf; het is niet beheerd als een aardse
regering; en het erkent niet als “autoriteiten” degenen die hun zich een weg
gewurmd hebben door de rangen door de “juiste” mensen te behagen.
MAAR HELAAS!
De mensen van het Moderne Christendom zeggen:
1 Sam. 8:19-20 … Neen, maar er zal een koning over
ons zijn.
20 En wij zullen ook zijn gelijk al de
volken; en onze koning zal ons richten, en hij zal voor onze aangezichten
uitgaan, en hij zal onze krijgen voeren.
Zij willen zijn gelijk al de
volken; ze willen erkend worden als een kracht om rekening mee te houden in
de handelingen (Grk. zaken) des leeftochts
(Grk. van dit leven) (2 Tim. 2:4). Zij
erkennen hoe de bedreiging van vervolging of verwerping door een georganiseerde
menigte kan overtuigen en het individu kunnen overdonderen tot samenwerking of
onderwerping. Ze splitsen in verschillende groepen (kerken): elk daarvan een
onbetekenend koninkrijk met zijn eigen koning,
en zijn eigen officials: en elk daarvan een zichzelf in stand houdende
bureaucratie: zich onderwerpend aan geen geestelijke autoriteit van buiten hun
eigen kleine koninkrijk. Ze concurreren openlijk met alle anderen (en al de
andere kleine koninkrijken) om het recht om zo veel van de wereld (Markus 8:36) te bezitten en te beheersen als ze kunnen.
Ze benadrukken natuurlijk dat, deze kracht gewonnen hebbende, zij het alleen
voor het goede zullen gebruiken: maar Jezus heeft zelfs de ambitie om DIT SOORT
macht te winnen verworpen, want dat hoog
is onder de mensen, is een gruwel voor God (Lukas 16:15). Eerder zegt Hij,
dat we altijd de laatste plaats moeten zoeken, en wachten op de
Heer om ons te vertellen wanneer we hoger
op moeten gaan (Lukas 14:10). Ons
wordt niet toegestaan gezien of geïdentificeerd te worden als een van de oversten dezer
wereld (1 Cor. 2:6), maar eerder om ons te voegen tot de nederige (Rom. 12:16). Jezus
dan, wetende, dat zij zouden komen, en Hem met geweld nemen, opdat zij Hem
Koning maakten, ONTWEEK wederom op den berg, Hij Zelf alleen (Joh.
6:15). Jezus WEIGERDE zulke autoriteit als ongeschikt
voor het beheer van Zijn koninkrijk: maar de leiders van het Christendom
vandaag voeren krijg om dit soort
autoriteit te krijgen, en veroordelen al degenen die hen niet helpen het te
krijgen. Die eindeloze worsteling om erkend te worden als iemand die veel voor
elkaar krijgt in de zaken van dit leven
(2 Tim. 2:4), en de brute autoriteit aan te wenden
die andere mensen dwingt zich te onderwerpen en te gehoorzamen, verraadt een
hart vol vleselijke ambitie: en geen enkele hoeveelheid religieuze
beroepsuitoefening verbergt voor God enige geheime zichzelf dienende agenda.
En hoewel al
deze bureaucraten graag ZEGGEN dat zij dezer wereld niet
gelijkvormig zijn (Rom. 12:2) is het enige ding, dat hun “kerken”
onderscheidt van enige andere zichzelf in stand houdende raciale, politieke of
culturele gemeenschap, hun bewering toegewijd te zijn hun specifieke versie van
het Christendom te verkondigen. MAAR… de raciale,
politieke en culturele toewijdingen waarop ze trots zijn zullen behouden en
verdedigd worden tegen elke prijs; ondanks de taal van hun “geloofsbelijdenis”.
Hoe kun je niet zien dat de meeste kerken nu op de eerste plaats functioneren
als culturele, zichzelf bevestigende gemeenschappen? Daar kunnen mensen, wiens overeenkomsten en verbanden volledig natuurlijk zijn,
elkaar ontmoeten, WETENDE dat hun eigen specifieke cultuur en levensstijl daar
gerechtvaardigd zal worden en waardigheid krijgt door een sprankelende religie.
Sommigen stellen zichzelf voor als onderdeel van “het zout van de aarde” groep,
en anderen zien zichzelf als “de waardige elite”, terwijl weer anderen zichzelf
zien als “de vervolgde raciale minderheid”. In elk geval zijn de meeste mensen
in de meeste van deze kerken feitelijk verenigd rond iets anders dan de taal
van hun “geloofsbelijdenis”. Ze kunnen kerken en zelfs denominaties veranderen
zonder enige schuld of vrees voor God te voelen, zo lang zij “hun eigen soort”
kunnen vinden. Er kunnen enkele leerstellige voorwaarden zijn die zij in stand
houden om de schijn hoog te houden naar hun eigen familie en vrienden, maar
deze voorwaarden zijn niet beslissend in hun keuze: culturele, raciale en
familie verbanden; deze zijn uiteindelijk beslissend.
De kerken van het Christendom zijn nog steeds
opvallend gescheiden door familiaire, raciale, culturele en economische lijnen:
en dit laat duidelijk zien dat zij de gemeenschap van heiligen verworpen hebben
om de gemeenschap van het vlees te behouden (Kol. 3:11).
De Huidige Stand Van Zaken
Wanneer je één van deze kerken voor het
eerst bezoekt, wordt je geconfronteerd met een gesloten gemeenschap die
gedomineerd wordt door enkele invloedrijke “vrijwilligers” en hun families, om
wie de meeste activiteiten zich concentreren. Als je één van deze
“sleutelfiguren” beledigt dan lig je er voorgoed uit. Het zal je niet helpen
een beroep te doen op anderen, zelfs niet de voorganger, want de vastberadenheid
deze “vrijwilligers” tevreden en meewerkend te houden, zal elke verplichting
aan de Waarheid overweldigen: en dit is een volmaakt beeld van hoe
bureaucratieën werken! Zelfs als je in staat bent een beetje sympathie van de
voorganger te winnen, dan is hij gewoonlijk omringd door een “raad” of bestuur
die graag “ouderlingen” genoemd
worden, wiens belangrijkste kwalificaties voor de
positie van “ouderling” hun macht is om de kerk te splitsen; hun capaciteit om
geld te geven of terug te trekken; en hun bereidheid om de geledingen
instinctief te sluiten voor alle indringers. Het is onwaarschijnlijk dat de
voorganger riskeert zich te vervreemden van een van “hen” om jou te verdedigen!
Deze zelfverdedigingsmentaliteit is kenmerkend voor elke bureaucratie wanneer
een van de bureaucraten wordt uitgedaagd. De voorganger WEET dat hij
eenvoudigweg “ingehuurd” is om hun krijgen
te voeren; en hij heeft niet de
vrijheid zijn geweten te volgen of hun fouten te verwerpen. Vele jonge mensen
vol beleden vrome ambitie zijn de bediening binnengegaan, enkel om te verdrinken
in compromissen om hun “baan” te houden. Waar de Heilige
Geest regeert, worden de juiste mensen herkend door degenen die de Geest
gehoorzamen: NIET omdat zij bewonderd worden door de wereld; NIET omdat zij
snel hun superieuren vleien; evenmin omdat zij zich verbonden hebben een
“officiële lijn” te bevestigen en verdedigen in veronachtzaming van De
Waarheid. De Heilige Geest zeide: Zondert Mij af beiden Barnabas en Saulus tot het werk, waartoe Ik hen geroepen heb (Hand.
13:2): zij hielden geen stemming; zij overhandigden geen
aanstellingscertificaten; en nadien lieten noch Barnabas noch Saulus enige aanneming
des persoons (Jak. 2:1) zien voor degenen, die GEACHT waren, wat te zijn
(Gal. 2:6). Maar vandaag moet ieder, die respect en autoriteit in de kerken wil
krijgen, klaar zijn om EERST zeer
opgeblazen dingen te spreken, verwonderende zich over de personen
(Judas 16). In elk ander gebied van het leven verwerpen we hen die “geen kwaad horen, zien of spreken” ten behoeve van hun
eigen voordeel als “hielenlikkers”
en erger… Maar wanneer het aankomt op religie wordt op de een of andere manier
dit soort handlanger spelen voor persoonlijk gewin en algemene aanvaarding
bestempeld als “nederigheid” en “trouw”. Je weet wat ik bedoel.
Die vorm van BUREAUCRATIE, waarin
autoriteit verkregen wordt door je steeds meer te conformeren, door medeplichtigheid
en door vleien wordt beschreven, AFGEWEZEN en VERWORPEN door onze Here Jezus
Christus: het is NIET God’s manier van het vestigen van geestelijke autoriteit
in Zijn Kerk.
MAAR, net als Hij deed in de dagen van
Koning Saul, heeft God Almachtig een opstandig volk gegeven waar zij om
vroegen:
1 Sam. 8:7 Doch de HEERE zeide tot Samuel: Hoor naar de stem des volks in alles, wat
zij tot u zeggen zullen; want zij hebben u niet verworpen, maar zij hebben
Mij verworpen, dat Ik geen Koning over hen zal zijn.
Let op! Zij
waren bereid Samuel in de buurt te houden als een soort “mascotte”, maar omdat
hij hen niet wilde leiden naar de vervulling van hun wereldse ambities, moesten
ze nog steeds een koning hebben. Ze
verwierpen de heerschappij van God, omdat in hun ogen de praktijk van religie
en het najagen van vroomheid niet voldoende beloond werden met de dingen die
zij van het leven verlangden.
Zij, die
persoonlijke verzekering missen in de dingen die ze belijden te geloven, willen
een aardse koning om hen te richten, ofwel: het definitieve
aanspreekpunt zijn over wat goed of slecht is, waar of onwaar, geïnspireerd of
ongeïnspireerd: hoewel hij een “ingehuurde koning” is, wordt van hem verlangd
hun veronderstellingen na te gaan om zijn “baan” te kunnen houden. Omdat zij
hem ingehuurd hebben voor henzelf als een koning
om dit te doen, voelen ze zich alsof ze ontsnapt zijn aan alle
VERANTWOORDELIJKHEID om De Waarheid zelf te bevatten, begrijpen en gehoorzamen.
Ze hoeven zich niet langer zorgen te maken WAAROM ze geloven wat ze geloven,
evenmin zijn ze ooit bezorgd over iets dat hun “dierbaarste leerstellingen”
uitdaagt of tegenspreekt: want zij hebben hun INGEHUURDE MAN die getraind is om
naar voren te komen met de een of andere langdradige, ingewikkelde “uitleg” die
het duidelijke zal verduisteren, de feiten negeren en hen zorgzaam door hun
moment van onzekerheid zal leiden. Net als de Nazi’s in Neurenberg: wanneer
opgeroepen voor een excuus of uitleg van hun zonden en fouten tegen De
Waarheid, menen zij aan persoonlijke verantwoordelijkheid te ontsnappen door
ons er aan te herinneren dat “zij slechts bevelen opvolgden en zich
onderwierpen aan RECHTMATIG GEVESTIGDE AUTORITEIT”: alsof door deze
doorzichtige leugen zij God zullen bedriegen en verwarren, Die precies weet
WAAROM zij op de eerste plaats er voor kozen te schuilen bij zo’n
“autoriteit”! Elk van deze Nazi’s had het land kunnen ontvluchten, in plaats
van toe te laten “gebruikt” te worden voor het zich bezondigen aan andermans
fouten: maar DAT zou het verlies van hun bezittingen betekend hebben, van hun
voorrechten en hun posities van “autoriteit”. We weten
allemaal WAAROM zij niet vertrokken; de rechters in Neurenberg wisten WAAROM ze
niet vertrokken; en God weet waarom jij niet vertrekt.
MAAR WEE de
voorganger die enige twijfels heeft over de leer, waarvoor hij INGEHUURD is om
die te verdedigen! Tenslotte HUURDEN ZE HEM, BETALEN
ze HEM en kunnen ze HEM ook ONTSLAAN.
Niet alleen
hebben zij voor zichzelf een “Bijbel leraar” gehuurd, die verplicht is om hun
eigen overtuigingen te verdedigen en in ere te houden, maar ze hebben ook een
“P.R. man” ingehuurd, die verondersteld wordt om hun geloof te
verpersoonlijken, om hoog te zijn onder de mensen (Lukas 16:15) en ZO er
voor te zorgen dat zij goed voor de dag komen. Ze willen dat hun
INGEHUURDE MAN voor hun aangezichten uitgaat en hun krijgen voert. Ze willen dat hun
INGEHUURDE MAN een OPENBAAR VOORBEELD is van “hun geloof” waar zij zich naar
kunnen voegen, voor het geval dat zij ter verantwoording worden geroepen voor hun eigen falen en tekortkomingen. Ze VERSTOPPEN zich in
zijn “schaduw”, menend dat alles met henzelf goed is zo lang ze zich blijven
voegen naar deze andere persoon, van wie zij er op staan dat hij “gelijk
heeft”. Hij wordt de afgod voor wie zij de knie buigen om zich te excuseren
voor hun zonden, hun onwetendheid van de Bijbel en hun falen zelf “model
Christenen” te zijn: een afgod, die zij slechts verhogen zo lang hij doorgaat
hun eigen leer en streven te verpersoonlijken en openbare waardigheid te geven.
Dit is waarom de meeste mensen die zich Christen noemen je zo graag vertellen
naar welke kerk zij gaan; hun identiteit en hun zekerheid worden ontleend aan
hun bereidheid zich te voegen naar de “autoriteit” die zij opgericht hebben en
dan geïnvesteerd in andere mensen. Dit is ook waarom zij zo bezorgd zijn er
achter te komen van welke groep jij je zekerheid ontleent: want als je er geen
hebt of geen nodig hebt, herinner je hen er aan dat zij uiteindelijk zich niet
voor God kunnen verschuilen in de menigte. Maar onze zekerheid en ONZE
IDENTITEIT wordt verondersteld te komen van onze trouw aan De Heer Jezus
Christus: NIET van onze plaats in een menigte, evenmin van een “andere” man die
we INGEHUURD hebben om in onze plaats Ware Religie te verpersoonlijken en
vertegenwoordigen.
Een geestelijk
apathische menigte is altijd bereid een hoge prijs te betalen voor deze
diensten: zelfs om een bepaalde hoeveelheid MISBRUIK te verdragen, als ze maar
iemand anders zo ver kunnen krijgen om Ware Religie voor hen te
verpersoonlijken, zoals ook de Apostel Paulus zegt:
2 Cor. 11:20 Want gij verdraagt het, zo u iemand dienstbaar maakt (emotionele slavernij),
zo u iemand opeet (je geld opmaakt), zo iemand van u neemt (je beveelt als een
dienstknecht), zo zich iemand verheft
(ongepast opschept), zo u iemand in het
aangezicht slaat (je beledigt en belastert).
Ja, zij zijn bereid AL het bovenstaande te verdragen, zolang de
INGEHUURDE MAN hen niet verbijstert in een openbaar schandaal, of begint te
twijfelen of vragen te stellen bij de specifieke leringen, waardoor zij menen
zichzelf te onderscheiden van de andere kerken, waarmee zij concurreren voor
leden, applaus en geld. Er is echter weinig risico dat de INGEHUURDE MAN
een dergelijke ‘fout” zal maken, want hij weet waar zijn SALARIS vandaan komt.
BEKIJK met mij
hoe VOLMAAKT Koning Saul de meerderheid van de geestelijken in het Christendom vandaag vertegenwoordigt:
1 Sam. 8:11-18 En zeide: Dit zal
des konings wijze zijn, die over u regeren zal: hij
zal uw zonen nemen, dat hij hen zich stelle tot zijn wagen,
en tot zijn ruiteren, dat zij voor zijn
wagen henen lopen;
12 En dat
hij hen zich stelle tot oversten der duizenden, en tot oversten der
vijftigen; en dat zij zijn akker ploegen, en dat zij zijn oogst
oogsten, en dat zij zijn krijgswapenen maken, mitsgaders zijn
wagentuig.
13 En
uw dochteren zal hij nemen tot apothekeressen,
en tot keukenmaagden, en tot baksters.
14 En
uw akkers, en uw wijngaarden, en uw olijfgaarden, die
de beste zijn, zal hij nemen, en zal ze aan zijn knechten geven.
15 En
uw zaad, en uw wijngaarden zal hij vertienen (tienden eisen), en hij zal ze aan zijn hovelingen,
en aan zijn knechten geven.
16 En hij
zal nemen uw knechten, en uw dienstmaagden, en uw beste jongelingen, en uw ezelen, en hij zal zijn werk daarmede doen.
17 Hij
zal uw kudden vertienen; en gij zult hem
tot knechten zijn.
18 Gij zult wel te dien dage roepen, vanwege uw
koning, dien gij u zult verkoren hebben, maar de HEERE zal u te dien dage niet
verhoren.
O, hoe simpel
en duidelijk is dit allemaal! Kun je zo blind zijn niet te zien dat dit PRECIES
is wat tegenwoordig in het Christendom gebeurt? Je kunt JAREN besteden aan het werken in een van deze “kerken”; je
tijd en geld gevend voor het Koninkrijk van God (en God beloont (Matt. 10:42) al zulke dienst): MAAR DAN komt er een
dag waarin je door je geweten wordt gedrongen te protesteren tegen iets, en
OPEENS ben je ontzet door het besef dat je met verachting opzij wordt gezet! Er
zijn, zal je verteld worden, andere kerken in de buurt die MISSCHIEN in staat
zijn om je mening op prijs te stellen. Je bent vrij om te gaan als je wil: maar
je zult alle tijd, energie en geld die je daar geïnvesteerd hebt achterlaten,
en deze zullen gebruikt worden om precies die fouten door te zetten waar je
tegen geprotesteerd hebt! Als je het waagt te vragen in het openbaar voor de
hele gemeenschap te laten horen wat je klacht is, zul je er zeker achterkomen
hoe het spelletje gespeeld wordt. Als je weigert te vertrekken of rustig te
zijn in dit vooruitzicht kunnen ze altijd de politie er bij halen: en jij bent tenslotte in overtreding. INDERDAAD, hij zal nemen van het jouwe; wat hij neemt wordt het zijne; en er zal
niets zijn wat je er aan kunt doen! O, GA JE GANG! Probeer en herinner hen er
aan dat je de Bijbel EN het getuigenis van een zuiver geweten aan jouw kant
hebt! Probeer en herinner hen aan alles dat je hebt gegeven en gedaan in dienst
aan De Kerk! Probeer en herinner hen er aan dat je verdient respectvol gehoord
te worden, en dat zij jou een oprecht en eerlijk antwoord moeten geven! Probeer
en herinner hen er aan dat God een getuige is; dat Hij weet wie al de leugenaars (Openb.
21:8) zijn; dat Hij weet wie er wie slecht behandelt; en dat
iemand die zegt tot zijn broeder, ‘Gij
dwaas’ (waardeloze en verachtelijke kameraad), die zal strafbaar zijn door het helse vuur (Matt. 5:22). O,
GA JE GANG en ontdek, net als ik, dat niets minder dan de macht om hun geld af
te nemen, een menigte mee te nemen of hen openbaar in een misdaad of schandaal
te betrekken, jou het ernstige en respectvolle gehoor zal geven waar je meent
recht op te hebben! De eeuwen zijn voorbij gegaan, de kostuums zijn veranderd,
maar de Farizeeën en de Sadduceeën
hebben NOG STEEDS DE LEIDING.
Net als het was in de tijd van onze Heer is de OPENBARE
geestelijkheid verdeeld in twee kampen die LIJKEN met elkaar in strijd te zijn
verwikkeld; hoewel ze dat uiteindelijk NIET zijn!
De Sadduceeën
zijn degenen die beweren weinig conflict te zien tussen religieuze trouw en
samenwerking met de behoeften en doelen van de maatschappij in
het algemeen. Zij waren de “gerespecteerde” bovenklasse van de
Georganiseerde Religie in hun tijd: maar we hebben deze soort nog steeds aanwezig
in onze dagen! Ze zijn behoorlijk bereidwillig om de eisen te verlagen en de
oordelen te verzachten van de Bijbelse Religie om de vriendschap van de oversten van deze wereld te
verkrijgen en de sociale vooraanstaandheid die bij zulke vriendschappen hoort.
De Sadduceeën leggen minder nadruk op de
Schriften en verwachten geen duidelijk vertoon van de kracht Gods (Markus 12:24). Omdat zij niet verwachten dat God
zich mengt in de zaken van mensen op enige opvallende, wonderlijke manier,
menen zij dat het wijs en gunstig is om enige religieuze beschouwing te
verwateren of te negeren die politiek, sociaal of economisch ongeschikt lijkt.
Ze beschouwen zichzelf als “realisten” en iedereen die er op staat dat niet van de wereld zijn (Joh. 15:19)
betekent dat wij moeten gaan uit het midden van de ongelovigen en
ons afscheiden (2 Cor. 6:14-18) wordt door hen beschouwd met verbaasde
verachting. Bijvoorbeeld: Onze Here Jezus zei, Zweert ganselijk niet (Matt. 5:34); en Jakobus zei, VOOR ALLE DINGEN, ZWEERT NIET (Jak. 5:12): maar zij zijn er TROTS op om op het podium gezien te worden
met de nieuw gekozen politieke big-shot wanneer hij een eed zweert; NIET om de Bijbel te
ondersteunen en verdedigen, maar de (Amerikaanse) Constitutie; NIET om trouw
aan Jezus te zijn, maar aan de belangen van De Staat. Nee, zij zien hier
geen conflict en ze hebben al geoefend op een ware stroom van “interpretaties,
uitleggingen en excuses” om uit te storten over iedereen die durft te
suggereren dat een Christen die zweert
om de belangen en politiek van De Staat te vertegenwoordigen en verdedigen een
conflict van trouw is binnengegaan. Deze worden getypeerd door die
“geestelijken” die als raadgevers worden geroepen door de oversten van deze wereld (2 Cor. 2:6);
zij zijn degenen die uitgenodigd worden om “mooie dingen te zeggen” bij de
begrafenissen van de groten, en zij
hebben er behagen in om grote zakenmensen, sporthelden, koningen en politieke
leiders tot hun vrienden te rekenen.
De Farizeeën
waakten over de persoonlijke moraal en de religieuze optredens van de massa’s:
ze bezetten de meeste van de lagere, meer lokale vestigingen van openbare
religieuze autoriteit. Ze halen graag uit naar de Sadduceeën en veroordelen hen
als achterblijvers en compromissluiters. De Farizeeën zien zichzelf als het
“trouwe overblijfsel” en ze scheppen graag op over hoe ze nooit in zullen
stemmen met wat zij noemen “verwaterde, grootscheepse religie”. Ze houden er
van om de “religieuze big-shots” en de “theologen” waar we zo veel over horen
publiekelijk te vermanen en te beschuldigen; die zo bereid, gewillig en in
staat zijn om bepaalde gedeelten van de Bijbel weg te redeneren of opzij te
zetten. Maar wat hun klacht behoorlijk komisch maakt, is dat terwijl zij
regeren over een groep van 20 gelijkgezinde fanatiekelingen,
zij de vrijheid nemen een brutaal en exclusieve leer te prediken; waarin al
degenen die niet instemmen met elk detail openlijk vermaand worden, of
uitgestoten en veroordeeld. Maar als de grootte van hun publiek en hun inkomen
begint te groeien, beweren ze “volwassen” te worden en te leren wat “liefde” betekent: ze worden meer en meer “ruimhartig” en ze
“verzachten” hun toon om “niet te beledigen”: en dan worden zij, op hun beurt,
bekritiseerd voor verwateren door al de andere “fanatiekelingen” die nog steeds
onderaan staan.
Op het oog
lijkt het voor iedereen duidelijk dat de Farizeeën en de Sadduceeën tegenover
elkaar lijken te staan. Maar…
Ondanks hun
verschillen hadden de Farizeeën en de Sadduceeën er geen moeite mee hun
krachten te bundelen om van Jezus af te komen en later de rest van de
discipelen te vervolgen. Kajafas de Hogepriester was
een Sadduceeër, en hij stuurde Saulus van Tarsus, een Farizeeër, om al de Christenen te arresteren en
gebonden zou brengen naar Jeruzalem
(Hand. 9:1-2). En NATUURLIJK hadden zij GEEN PROBLEEM met het inroepen van de
hulp van de plaatselijke politie om dit voor elkaar te krijgen. Feit is dat de meeste van de Christenen die martelaars voor hun
geloof zijn geweest werden vervolgd en geëxecuteerd door een bepaalde soort
“Staatspolitie”, die handelden ten behoeve van de LEIDERS van de Georganiseerde
Religie.
Maar jij zegt,
“Dat waren de Joden en de Romeinen; wij Christenen doen zulke dingen niet”.
Integendeel: de meeste mensen die martelaar zijn geweest vanwege een “bepaald
soort” Christen zijn, werden geëxecuteerd door de “Mobiele Eenheid” van het
Heilige Romeinse Rijk, die het “vuile werk” deed voor de Romeinse Katholieke
Kerk.
MAAR misschien
ben je geen Rooms-Katholiek, maar een Protestant, dus
zeg je, “Mijn mensen doen zulke dingen niet”! Integendeel: Na de Reformatie,
toen het duidelijk werd dat noch de Protestanten noch de Katholieken in staat
zouden zijn het bestaan van de ander weg te vagen, ontstond er een derde bemerkenswaardig kamp, samengesteld uit overlopers uit
beide kampen. Deze werden “Anabaptisten” genoemd,
omdat ze de geldigheid van kinderdoop ontkenden (Hand. 8:37). De geschiedenis
noteert dat de meeste Anabaptisten erg morele, onschadelijke en hardwerkende
mensen waren: MAAR zij verwierpen zowel de Katholieke als de Protestantse
Kerken en wonnen dagelijks bekeerlingen uit allebei deze kampen. Natuurlijk
brachten degenen die zich voegden bij de Anabaptisten hun families, hun
vrienden EN HUN GELD met zich mee. Zij werden gezien als… CONCURRENTIE.
In 1529
ontmoette de keizer Karel de Vijfde
vertegenwoordigers van zowel de Katholieke als de Lutheraanse kerken in de stad
Spires, Duitsland; waar ze het eens werden over en
een wet in het leven riepen, die ik hier aanhaal voor
je verbijstering en vermaak:
“Door
de volheid van onze keizerlijke macht en wijsheid beschikken, vaardigen uit,
verplichten, verklaren en willen wij dat alle Anabaptisten, mannen en vrouwen
die zijn gekomen tot de leeftijd van begrip, geëxecuteerd zullen worden en
beroofd van hun natuurlijk leven door vuur, zwaard en dezulken, al
naargelang de mogelijkheid zich voordoet en zonder voorafgaand onderzoek
van de geestelijke rechters.”
En zo begon
de vernietiging van ongeveer 85.000 mensen, van wie van velen de enige “misdaden”
waren dat zij niet bereid waren te collaboreren met De Staat en hun weigering
om zich bij de “Staats Erkende Religies” te voegen en die te ondersteunen.
Waarschijnlijk heb je hier nog nooit over gehoord! Deze vervolging duurde bijna
200 jaren; zelfs terwijl de Protestantse Kerken op hun “toppunt” waren gekomen.
DUS de Katholieken en de Protestanten
vonden iets waar ze het over eens KONDEN worden: die Anabaptisten kwijtraken!
Maar ze hadden een soort van excuus nodig, want elke mens wil graag zijn
geweten enigszins sussen voordat hij zich overgeeft aan zonde: dus in 1534,
toen zij een “erf” vol met opruiende religieuze fanatiekelingen
in Munster, Duitsland, vonden, bestempelden zij hen als “Anabaptisten”;
belaagden de stad; vermoorden ze allemaal; publiceerden hun misdaden; en gingen
er toen op uit “om de rest te pakken te krijgen”.
Op 26 oktober 1553 werd Michael Servetus verbrand op de
vuurstapel “vanwege ketterij” in Geneve, Zwitserland,
terwijl de burgemeester van die stad, Johannes Calvijn, “De Grote Hervormer”,
toekeek, instemde en niets deed. In feite was de heer Calvijn de vervolger bij Michael Servetus terechtstelling
wegens “ketterij”. De geschiedenis van de arrestatie en terechtstelling van Michael Servetus onthullen dat de
heer Servetus, al veroordeeld zijnde als een ketter
door de Katholieke Inquisitie in Spanje, naar het oosten gevlucht was naar de
gebieden van de Reformatie om daar een schuilplaats te zoeken. De rechter bij
zijn terechtstelling in Spanje, die al anticipeerde op deze zet, schreef aan Johannes
Calvijn, een oproep doende voor assistentie in het gevangen nemen en uit de weg
ruimen van de heer Servetus. Tegen de tijd dat Servetus in Geneve aankwam was de
politie al op zoek naar hem en hij werd snel gearresteerd. Let erop dat Michael Servetus niet aangeklaagd
werd wegens burgerlijke misdaden zoals diefstal, overspel of moord, maar allen
vanwege ketterij. Zo hebben we Calvijn de Protestant en de Katholieke
Inquisitie die samenwerkten om de vrijheid van religie en vrijheid van spreken
te onderdrukken. Toen volgde op de arrestatie wat beschreven kan worden als het
ultieme voorbeeld van een valse berechting; waarin Servetus
werd beschuldigd van de meest onbeduidende en belachelijke dingen die je je maar voor kunt stellen. Toen het Servetus
eindelijk was toegestaan te spreken, antwoordde de zittende rechter door de
verdediging van Servetus te karakteriseren als “het gekwijl van een valse hond”. Ze sleepten Servetus de straat op, bonden hem vast op de stapel en
staken hem in brand. Vanaf de brandstapel riep hij uit “Heer Jezus, heb genade
met mij!”. Deze woorden werden stipt genoteerd in de openbare vastlegging als
“bewijs” dat Servetus waarlijk en inderdaad een kind
van Satan was! En dit, dat ik je net heb laten zien, is slechts “het topje van
de ijsberg”; want nooit was er in de neergeschreven geschiedenis van de
westerse beschaving een meer tirannieke en verdrukkende despoot dan Johannes
Calvijn, “de grote hervormer”, was over de bevolking van Geneve.
Een andere man schreef “onzin” op een van Calvijn’s traktaten en maakte het
vast aan de deur van een lokale kerk. Hiervoor werd hij een maand
gevangengezet, tijdens welke vele “bekentenissen” werden losgepeuterd; en aan
het eind waarvan hij ook werd verbrand op de brandstapel. De stad was gevuld
met “spionnen” die of omgekocht of gechanteerd werden tot samenwerking: EN JIJ,
DIE DIT LEEST, HOUD JEZELF NIET VOOR DE GEK!: als jij daar was, in die tijd,
dan zou jij ook hebben moeten “buigen of branden” net als de rest!
Een van de meest bekende mannen in de geschiedenis
van het Christendom, John
Bunyan, schreef zijn beroemde boek “De Christenreis” terwijl hij in Engeland in
de gevangenis zat voor het prediken zonder toestemming van de Staatskerk.
In 1726, toen Alexander
Cruden zijn beroemde concordantie schreef TERWIJL HIJ
IN DE GEVANGENIS ZAT en OM DEZELFDE REDENEN, waren de Anabaptisten al totaal
verdreven van de aardbodem, en zij waren niet “geleidelijk aan” verdwenen. Er
is geen vastlegging dat de Anabaptisten ooit enige vorm van georganiseerd
verzet tegen hun vervolgers opgezet hadden, die hen bijna 200 jaar lang
vervolgend: hen executeerden, in de gevangenis zetten en hun bezit in beslag
namen. Het schijnt dat de meesten van hen als
een schaap ter slachting geleid (Hand. 8:32) zijn en
misschien was dit omdat zij respect hadden voor de leer van Jezus, Die zei: Wederstaat den boze niet; maar, zo wie u op
de rechterwang slaat, keert hem ook de andere toe (Matt. 5:39); en, Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u
vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld
doen, en die u vervolgen (Matt. 5:44). De Staat was erg bereid om deze
“dienst” te verlenen met de zegen van de “Officiële Kerken”, en vervulden zo
deze profetie:
Joh. 16:2 Zij zullen u uit
de synagogen (huizen van openbare
aanbidding) werpen; ja, de ure komt,
DAT EEN IEGELIJK, DIE U ZAL
DODEN,
ZAL MENEN
GODE EEN DIENST TE DOEN.
Vraag
me niet waarom… Ik ga het je toch vertellen. Zie je; als AL de mensen die
BEWEREN Christen te zijn plotseling de BEVELEN van onze Here Jezus Christus
serieus beginnen te nemen en hun levens onderwerpen in overeenstemming met wat
Jezus zei dan zou het huidige sociale en politieke systeem bijna dezelfde dag
nog INSTORTEN.
Hoe
kan een Christelijke schoolleraar, die weet dat we bevolen worden zweert ganselijk niet, een klas vol
kinderen bevelen om hun hand op hun hart te plaatsen en “Trouw aan de Vlag” te
zweren?
Hoe
kan iemand die zich verplicht voelt om zijn vijanden lief te hebben,
te zegenen, die hem vervloeken; wel doen dengenen, die hem haten; en te bidden voor dengenen, die hem geweld doen, en die hem vervolgen (Matt. 5:44) van enig nut
zijn voor de gewapende krachten?
Hoe
kan een politieman, die weet dat de
stoel der schadelijkheden zich niet met
God kan vergezelschappen, wanneer
het moeite verdicht bij inzetting
(Psalm 94:20), er op vertrouwd worden om te bekrachtigen wat hij WEET dat een
oneerlijke inzetting is, wanneer
door dat te doen hij schade en pijn zal brengen aan anders fatsoenlijke,
onschadelijke en productieve mensen? Kan hij zeggen, “Ik volgde alleen de
bevelen op”???
Hoe
kan enige advocaat die beweert Christen te zijn omgaan met deze woorden van
Jezus: En zo iemand met u rechten wil,
en uw rok nemen, laat hem ook den mantel (Matt. 5:40). Zei niet de Apostel
Paulus ook, Zo is er dan nu ganselijk
gebrek onder u, dat gij met elkander rechtzaken hebt. Waarom lijdt gij
niet liever ongelijk? Waarom lijdt gij niet liever
schade? (1 Cor. 6:7). Is er ENIGE MANIER om deze
leringen van Jezus Christus te bevatten in de zaken van dit leven (2 Tim. 2:4)… NEE. DE
STAAT weet dit: dus het is IN HUN BELANG om de “juiste mensen” op de
preekstoelen in de kerken te houden. Dit wordt gedaan door het reguleren en licentiëren van de praktijk van religie. In sommige landen
wordt dit gedaan door het oprichten van “wetten”, waarin iemand die predikt
zonder “officiële toestemming” van een Staats Erkende Religie wordt verbannen,
gevangen gezet of geëxecuteerd. Dit is wat gebeurde bij Michael
Servetus, John Bunyan en Alexander Cruden. In Amerika,
waar nog steeds Vrijheid van Religie is, wordt dit gedaan door een financieel
en sociaal voordeel te geven aan die kerken die zichzelf een “Non Profit Instelling” willen noemen (een karakterisering die
niet zonder betekenis is).
Zij
zullen een bureaucratie moeten oprichten, zich voegen naar al de regels van een
werelds bedrijf en bij De Staat een beroep doen op “officiële” erkenning. Deze
“kerken” en deze “predikers”, die DE STAAT “erkent”, gaan hun donateurs omkopen
en belonen door hen BELASTINGAFTREK te geven voor al het geld dat ze geven aan
hun kerk. DENK NA: Jij geeft mogelijk ook geld, goederen of diensten aan de
arme familie in de straat, maar hiervoor krijg je GEEN belastingaftrek. Je
besluit misschien wat geld naar mij te sturen, in het geloof dat God wil dat je
de boodschap in dit boek bevestigt en ondersteunt; maar daarvoor krijg je GEEN
belastingaftrek. Hierdoor sluist De Staat geld richting specifieke kerken,
tegelijkertijd ontmoedigend om geld of liefdadigheid te geven buiten deze
“officiële kanalen”. Zij die “intekenen” bij De Staat krijgen ook openbare
autoriteit door “officiële papieren” te hebben die herkend en geëerd worden
door DE WERELD. Met deze “officiële papieren” krijgt de voorganger speciale
voorrechten in de gevangenis, de rechtbank en het ziekenhuis die onthouden
worden aan ieder ander die niet een vertegenwoordiger van De Staat is. Dit is
werkelijk door De Staat gesponsorde Religie, omdat deze “speciale voorrechten”
neerkomen op een “veiligheidspas”, en een belastingaftrek is hetzelfde als een
subsidie. Dit betekent ook dat iedere belastingbetaler de Georganiseerde
Religie steunt of zij nu willen of niet! De Bijbel juicht hen toe die voor Zijn Naam zijn uitgegaan, NIETS
NEMENDE VAN DE HEIDENEN (3 Joh. 7) en we zouden dit voorbeeld moeten volgen.
Jezus zei Geeft
den keizer, dat des keizers is, en Gode, dat Gods is
(Matt. 22:21): NIET om “een deal met de keizer te maken”, waarin de
onafhankelijkheid van De Kerk wordt gecompromitteerd om vuil gewins wil (Titus 1:11). Het
verlangen om werelds respect en autoriteit te winnen en geldzucht (1 Tim. 6:10) zijn de ENIGE
redenen waarom zij, die zich Christen noemen erkenning zoeken van De Staat als
een “Non Profit Organisatie”.
De
moderne Farizeeën en Sadduceeën staan “hand in hand” met de politieman, de
postbode, de brandweerman, de dokter, de burgemeester en de schoolleraar: samen
vertegenwoordigen zij een VERENIGDE frontlinie van VERZET tegen alle
revolutionairen en een naadloze muur van verachting voor elke profeet die niet
zijn papieren bij de hand heeft en een menigte achter zijn rug. Dit OP EEN LIJN
PLAATSEN van de RELIGIEUZE leiders met hen die de belangen van DE WERELD
vertegenwoordigen, wordt elke dag continu geïmpliceerd en vaak direct bevestigd
aan onze kinderen om te VOORKOMEN dat zij zich gaan realiseren dat De Waarheid
vereist dat zij uit het midden van hen
gaan, en zich afscheiden (2 Cor.
6:17). In plaats daarvan worden zij aangemoedigd gewikkeld te raken in de
zaken van het leven (2 Tim. 2:4) en worden
verteld dat ze de doelen van God dienen door dat te doen. En natuurlijk,
wanneer de kinderen er toe geleid worden te geloven
dat de voorganger, de politieman en de schoolleraar allemaal “onder één hoedje
spelen”, zijn zij bang de voorganger ongehoorzaam te zijn om dezelfde redenen
als ze bang zijn de politie of de schoolleraar ongehoorzaam te zijn: ze WETEN
dat veroordeling, verwerping en straf hen gelijkelijk wachten als zij op enige
van deze vlakken overtreden, omdat zij WETEN dat deze allemaal samenwerken en
dat deze elkaar zullen verdedigen. Wanneer de ALGEMEEN ERKENDE en JUIST
GECERTIFICEERDE geestelijke spreekt “namens God” zien de kinderen hen altijd
als dezelfde agenda vertegenwoordigend als de politieman, de President en de
schoolleraar: in hun ogen zijn dit allemaal oversten der wereld, die heerschappij voeren over de onder hen gestelden en zichzelf weldadige
heren NOEMEN. Door het dupliceren
van de organisatorische principes van De Wereld, en door het optreden in
praktische eenheid MET de instituten van Deze Wereld, onthullen ze, dat wat ze
zijn in feite een andere “afdeling” van De Wereld is.
Jakobus
vertelt ons dat Zo wie dan een vriend
der wereld (KOSMOS) wil zijn, die
wordt een vijand van God gesteld (Jakobus 4:4).
Maar
sommige mensen proberen er van te maken dat dit woord “wereld” alleen verwijst naar “slechte burgers” zoals
drugsverslaafden, porno verkopers en gewone criminelen: terwijl in feite, door
zichzelf op één lijn te stellen met seculiere belangen en het bemoeien met
politiek, ZIJ de wereld ZIJN. “DE
WERELD” beschrijft NIET een kleine subgroep op de rand van de maatschappij; het
Griekse woord voor wereld (KOSMOS)
betekent “het systeem” en is het DIRECTE SYNONIEM van wat we DE GEVESTIGDE ORDE noemen: en we weten
allemaal wat “De Gevestigde Orde” IS: het zijn al deze sociale, politieke en
religieuze structuren van de mensheid die gemeenschappelijke
uitvoeringsprincipes hebben (het zijn bureaucratieën) en samenwerken voor een
gezamenlijk belang. “De wereld”
betekent altijd alles wat de plaatselijke meerderheid vertegenwoordigt of
verpersoonlijkt.
Jakobus
noemt ook hen die vrienden der wereld zullen zijn OVERSPELERS en OVERSPELERESSEN in hetzelfde vers. Ze begaan overspel tegen Jezus Christus en HIERVOOR heeft Christus het recht
opgeëist om van hen te SCHEIDEN (Matt. 5:32, 19:9). Ze hebben hun belofte van
trouw aan Christus verbroken en zijn naar een andere “man” gegaan om hen te
“redden” van ziekte, misdaad en armoede. Deze andere “man” is hun nieuwe
“redder” geworden en hun nieuwe “redder” wordt verpersoonlijkt door degene die
de macht van DE STAAT uitoefent. Zoals het toen was, zo is het nu: wanneer
geconfronteerd met een keuze tussen Jezus,
die genaamd wordt Christus (Matt. 27:17), Die als een lam ter slachting geleid werd (Jes. 53:7); en Bar-Abbas, DE
POLITIEKE REVOLUTIONAIR die was goedgekeurd door de mensen vanwege het toevlucht zoeken tot politieke intrige en dodelijk geweld
om die “heidense Romeinen” te overwinnen (Lukas 23:19)… Zij kiezen Bar-Abbas. Het
kan misschien van enig belang voor je zijn te weten dat Bar-Abbas betekent “zoon van
zijn vader”, en niet een persoonlijke naam is. Sommige oude manuscripten geven
deze Bar-Abbas
een voornaam: en RAAD EENS? Zijn voornaam was… JEZUS. Ze hadden een keus…
tussen “Jezus de politieke revolutionair” die hen door
geweld naar de overwinning zou leiden en de Jezus die was veracht, en de onwaardigste onder de mensen, een Man van smarten,
en verzocht in krankheid… die ging als
een lam ter slachting geleid. We weten wie zij kozen; wie kies jij?
Jes. 57:8-12 En
achter de deur en posten zet gij uw gedenkteken; want
van Mij wijkende ontdekt gij u, en klimt op; gij maakt uw leger
(bed) wijd (om hen er bij te voegen
die niet werkelijk Christenen zijn), en
maakt u een verbond met
enigen uit dezelve (waarin stemmen uitgewisseld worden voor samenwerking), gij hebt hun leger (bed) lief in elke plaats, die gij
ziet (omdat zij de macht uitoefenen om andere mensen te sturen).
9 En
gij trekt met olie (religieuze
goedkeuring ) tot den koning
(de politieke heersers), en gij
vermenigvuldigt uw welriekende zalven (maakt je aantrekkelijk voor hen); en gij zendt uw gezanten verre weg (om
op te scheppen over je overspelige verbond),
en vernedert u (verlaagde je standaarden en week af van je doel) tot de hel toe.
10 Gij zijt vermoeid door uw grote reis (moe de theologie van
religie aanbieden aan een verveelde en niet reagerende menigte), maar gij zegt niet: Het is buiten
hoop (geen manier om autoriteit en controle te winnen); gij hebt het leven uwer hand (de macht van sociale en politieke
invloed door je menigten) gevonden,
daarom wordt gij niet ziek.
11 Maar
voor wien hebt gij
geschroomd of gevreesd? Want gij hebt gelogen, en zijt Mijner niet gedachtig geweest, gij hebt Mij op
uw hart niet gelegd; is het niet, om dat Ik zwijg (oordeel inhoudt), en dat van ouds
af (voor een lange tijd), en gij
vreest Mij (nog steeds) niet?
12 Ik zal uw gerechtigheid bekend maken, en uw
werken, dat zij u geen nut doen zullen.
Zij
plegen geestelijk overspel met De Wereld door zich in te laten met religieuze,
culturele en politieke trouw: terwijl in feite er voor Christenen maar EEN
FAMILIE (Matt. 12:46-50) is, maar EEN CULTUUR (Kol. 3:11) en maar EEN
BURGERSCHAP (Ef. 2:19). De Bijbelse beschrijvingen van Godzaligheid worden
eenvoudigweg genegeerd wanneer zij schijnen te conflicteren met sociaal en
politiek eigenbelang. Ze zien een man met een Bijbel in een hand en de vlag van
de een of andere natie in de andere en ze juichen het toe. De Staat heeft geen
moeite met het toejuichen van zulke “Christenen”, want op hen kan vertrouwd worden
in het negeren van religie wanneer het conflicteert met de plichten van
“burgerschap”. Ze kunnen in oorlog gaan met een andere “even
oprechte” Christen van een ander land en “hem voor God doden”. Het feit
dat de leer van Jezus ons verbiedt enige van deze dingen te doen, en ons zelfs
vertelt den boze niet te wederstaan
(Matt. 5:39) heeft totaal geen beperkend effect op hen. Zij zien CULTURELE of
POLITIEKE TROUW en RELIGIEUZE UITOEFENING als 2 gelijke benen op een “hele”
mens. Onze kerken zijn nu vol van zulk HALF-BROED: Christendom mag dan hun MOEDER zijn, maar de wereld; HET WERELD SYSTEEM; DE GEVESTIGDE ORDE is hun vader. EN… door
het op een akkoordje te gooien met De Staat en de Openbare Verdedigers te
worden voor de sociale belangen van de Goddeloze Massa is het Christendom gegroeid van een verdrukte minderheid naar een
VERDRUKKENDE MEERDERHEID.